Over waarom je zou willen veranderen

Vorig jaar wilden we graag iets goeds doen. Een bijdrage leveren. Wij wilden bejaarden gelukkig maken met een tour op Schiphol. Dus togen we af naar een bejaardentehuis en laadden onze leaseauto’s vol oude vandagen. We waren net de A2 op gedraaid toen de oude man naast me op de passagiersstoel zei: “O, wat is dit mooi. Ik ben al zolang niet op de snelweg geweest. Het is nu al een geslaagde dag!”

Wij weten niet wat ons gelukkig maakt. We doen de hele tijd dingen die ons juist niet gelukkig maken. Ondanks dat de kennis over wat ons we gelukkig maakt gewoon voorhanden is.

De tweede eigenschap van de bekende zeven eigenschappen van Stephen Covey is ‘begin with the end in mind’. Daarin beschrijft hij de grafredeoefening: beeld je in dat je op je eigen begrafenis bent en stel je voor wat mensen over je zullen zeggen. De Australische verpleegster Bronnie Ware schreef in 2011 de bestseller ‘Als ik het leven over mocht doen’. Ze had jaren in de palliatieve zorg gewerkt en stelde een top vijf op van waar mensen spijt van hadden op hun sterfbed.
1. Ik wou dat ik het lef had om meer mezelf te zijn en minder te leven zoals anderen van me verwachtten.
2. Ik wou dat ik minder hard zou hebben gewerkt.
3. Ik wou dat ik mijn gevoelens vaker had geuit.
4. Ik wou dat ik contact met vrienden zou hebben gekoesterd.
5. Ik wou dat ik gewoon meer had genoten.

Het is niet goed als je alleen maar met je werk bezig bent. Je hebt ook een sociaal leven buiten je werk, vrienden, een partner, familie. Je hebt je sport, je hobby’s. Toch neemt ons werk een belangrijke plek in in ons leven en geeft het ons naast een inkomen ook een bepaalde vorm van bestaansrecht of zingeving. Bovendien besteed je het overgrote deel van je wakkere leven aan werk.
Reken even mee. In een week zit 168 uur. Waarvan 48 uur weekend. Als je 7 uur per nacht slaapt hou je 85 uur over. Je werkt 40 uur. Plus overwerk, allerhande dingen in de avond als meetings, opleidingen en feestjes, en reistijd. Dan hou je ongeveer 35 uur per week over. Dat is zeven uur per dag. Dat is minder dan je werkdag. Daarin moet je dan ook al opstaan, ontbijten, douchen, lunchen, avondeten, de afwas doen, het huishouden en de kinderen naar bed brengen. En dat zo’n 47 van de 52 weken per jaar. Met wat je dan nog overhoudt kun je ‘iets leuks gaan doen’. Tijd doorbrengen met vrienden of simpelweg meer genieten.

Met mijn klavertje vier, Maslows piramide of Aristoteles zijn drie voorwaarden in de hand kan je vrij gemakkelijk afvinken wat wel en wat niet op orde is. Geld is niet de belangrijkste factor. Want geld maakt niet gelukkig. Heb je alles op orde, leg dan vooral snel dit boek weg en ga iets leuks doen. Ga je niet eindeloos bezig zijn. Je zou daar wel eens ‘reflectitis’ kunnen krijgen, stelde filosoof Søren Kierkegaard: het eindeloos op jezelf reflecteren. En dat is ook niet goed.

Uiteindelijk wil ook jij vooruit. Elke dag hetzelfde doen als gisteren zou in theorie leuk kunnen zijn, maar als je dat wil moet je ook bewegen om bij te blijven. Voor je het weet hebben jongere, ambitieuzere, betere, snellere, meer kundige mensen je werk overgenomen. Of wordt je werk geautomatiseerd. Of gerobotiseerd. Of geoutsourced. De evolutie gaat door. Er is nog steeds sprake van survival of the fittest.

Er wordt veel gesproken over de VUCA-wereld. De term ‘VUCA-world’ is in het Amerikaanse leger in de jaren negentig bedacht. We leven in een tijd van snelheid en beweging (volatility), onzekerheid (uncertainty), complexiteit (complexity) en onduidelijkheid (ambiguity). De eigenschappen van dit tijdperk brengen nieuwe vaardigheidseisen met zich mee. Mensen die deze vaardigheden bezitten komen het verst. Er wordt dan gesproken over leer- en innovatievermogen om nieuwe kennis eigen te maken en over meer ‘harde’ vaardigheden op het gebied van digitalisering en automatisering. Ten derde worden algemene levensvaardigheden als aanpassingsvermogen, persoonlijk leiderschap, initiatief en verantwoordelijkheid in een adem met communicatieve vaardigheden genoemd. Het is van alle tijden dat er innovatie was. Je moest altijd al bewegen om bij te blijven. De innovatievelingen, de vooruitdenkers en de goed communicerende sociale leiders waren altijd al de helden.
Dat we dat nu allemaal digitaal doen en we onze weg moeten banen in de enorme hoeveelheid beschikbare (digitale) informatie dat is wel nieuw. Bovendien volgen de ontwikkelingen elkaar sneller op. Snel kunnen schakelen en je snel kunnen aanpassen is noodzakelijk. Nieuwe informatie opslaan en oude informatie vervangen ook. Je doelen bijstellen op basis van de nieuwe veranderingen hoort er ook bij.

Moet je je voorstellen hoe onze ouders of grootouders het hadden toen er ineens kleurentelevisie was. Of een computer. Of een mobiele telefoon. Of internet. Of een CD. Allemaal ontwikkelingen die de wereld op zijn kop zetten.
Nu de wereld op zijn kop staat is innovatie normaal geworden. En gaat het steeds geleidelijker. Iedere dag is weer iets anders ‘the next big thing’. Het is meer evolutie dan revolutie. Daarbij wordt de technologie steeds intuïtiever. Er wordt gesproken over ‘de humanisering van ICT’. Technologie wordt steeds meer het verlengde van ons. In een aantal gevallen letterlijk, als we kijken naar wearables, protheses en implantaten.
Vaardigheden worden steeds minder belangrijk, want die worden overgenomen door computers, robots en kunstmatige intelligentie. De onderscheidende factor is talent en motivatie.

Ik ga in het eerste deel van mijn nieuwe boek ‘En nu echt!’ allemaal vervelende dingen over je zeggen. Nu kun je denken dat dit niet over jou gaat. Voor een deel zal dat ook wel kloppen. Maar voor een veel groter deel niet. Ik zal het hier en daar iets te extreem en generaliserend opgeschreven hebben, maar bekijk wat je er voor jezelf uit kunt halen.
Dat eerste deel gaat over hoe je brein werkt en wat voor rare dingen we allemaal doen. Als je dat weet kan je er aan gaan werken. Om er zelf beter van te worden. Deel II zal gaan over hoe je bewuste keuzes kunt maken om effectiever, zinvoller en handiger met je zelf om te gaan om zo je doelen te bereiken.
Het gaat er niet om wie je bent of wat je doet. Het gaat er om wat je bent. Waarom je doet wat je doet. Als je jezelf, je overtuigingen, je paradigma’s beter begrijpt, je weet hoe je in elkaar zit en waarom je je keuzes maakt, kun je daar kleine aanpassingen in doen om je gedrag te veranderen.

Mensen veranderen alleen uit angst of uit noodzaak. Als al het bovenstaande je alleen je schouders deed ophalen heb je misschien helemaal geen reden om verder te lezen. Als je geen reden hebt te veranderen dan zal je niet gaan veranderen. Als je niet bereid bent de investering te doen, stop dan met lezen en besteed je tijd aan iets leukers.

Groeten,

Frank

Meer over dit onderwerp:
Over wat ons gelukkig maakt
Over wat jouw geluksgevoel bepaalt

Een gedachte over “Over waarom je zou willen veranderen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.