Over hoe fijn het is dat je geen idee hebt wat je doet

Je brein doet van alles op de automatische piloot. Gelukkig maar. Het rondpompen van je bloed, ademen, best fijn dat dat allemaal vanzelf gaat. En zo zijn er nog tal van activiteiten die je nu aan het ondernemen bent zonder dat je het echt door hebt. Maar niet alleen deze vitale functies werken door zonder dat je het bewust hebt bedacht. Ook dat je ogen van links naar rechts van letter naar letter bewegen, deze omzetten in taal, de taal koppelen aan kennis en ervaringen en vervolgens een mening vormen is niet iets wat je stap voor stap hoeft te bedenken. Een bladzijde heb je al omgeslagen voordat je door had dat je al zover was. Je verwerkt de geluiden om je heen, je slaat een vlieg weg, je knijpt met je ogen voor het licht, je krijgt kippenvel, je gaat even anders zitten, je krabt aan je been, je kijkt even weg omdat je iets wil laten bezinken.

Zelfs mensen die na een ongeval in vegetatieve toestand (hersendood) verder leven kunnen nog reageren op simpele vragen. Er zijn nog steeds processen actief die automatisch gedrag aansturen, ondanks dat de mensen niet meer bij bewustzijn zijn of ooit zullen komen.

Vroeger ging er een leuk geintje door de klas. Als je het niet kent, doe eens even mee.
Trek met je vinger 30 seconden aan het lusje van je riem aan je broek aan de voorkant. Heb je geen lusje, haak dan je vinger achter iets anders (de tafel, de leuning) en trek 30 seconden omhoog.
Laat je vinger los en leg je arm ontspannen neer.
Zie wat je doet? Voel je je arm omhoog gaan? Dat was je helemaal niet van plan. Maar toch deed je het. Jij. Niemand anders.

Mensen die paddo’s gebruiken zien altijd roze olifantjes. Dat komt niet door de werkzame stoffen in de paddo’s, dat komt omdat iedereen altijd zegt dat je roze olifantjes gaat zien als je paddo’s gebruikt. Je hersenen werken op dat moment niet ‘normaal’, maar vallen terug op basisfuncties. En daar staat ergens opgeslagen dat je roze olifantjes ziet als je paddo’s gebruikt. Dus dan wordt dat voor je geregeld.

Hoe werkt dat?

Maar liefst 95% van je gedrag komt uit je onderbewuste. Dat laat inderdaad 5% over voor je bewuste gedrag. Je gedachten, je ratio, je logica.

Figuur 3: Het onderbewuste stuurt ons gedrag

De automatische ‘overlevingssystemen’ die je in je hoofd hebt zijn allemaal gericht op de korte termijn. Vandaag overleven. Ze zorgen allemaal voor een snelle genotsimpuls. Rode bolletjes op je apps in je scherm, lekker eten, die film af kijken (in plaats van naar bed gaan). Naast de genotsimpuls zal je van nature ook gevaar uit de weg gaan vanuit je angstsysteem. Het verlies van status of van bezit, iets belangrijks missen, oud worden. Je automatische piloot stuurt je er van weg. Terwijl je ‘eigenlijk’ wel weet dat het doorbreken van die korte termijn angst je leidt naar lange termijn geluk.
De automatische systemen (genot en angst) komen vanuit je oude reptielenbrein, je rationele gedachte en de keuze voor de lange termijn uit je neocortex.

Je vliegt voor 95% op de automatische piloot. Die processen werken allemaal supersnel. Soms zelfs sneller dan je doorhebt. En niet allemaal precies even snel. Zo kan het gebeuren dat je reageert op een impuls vanuit je onderbewuste waar je achteraf, maar voordat je het je hebt gerealiseerd, een ‘beredeneerde’ reden bij bedenkt. De reden en de impuls komen tegelijkertijd binnen bij je Eindbaas, je bekijkt het en besluit dat het een goed verhaal is.
Zo kan je zonder door te hebben wat je net allemaal hebt gedaan met je labelapparaat achteraf (in milliseconden, zonder dat je het door hebt) allerlei superlogische verhalen bij onbewuste reacties bedenken. Hierdoor kan het zijn dat je zelf vindt dat je hartstikke goed doordacht en logisch bezig bent, terwijl je uit een automatisme handelt of reageert op een stimulus die je niet bewust hebt waargenomen of niet bewust hebt gekoppeld aan je respons. Je fantasie vult de logica in als je dat niet kunt vanuit de informatie die je (via je thalamus) binnen had gekregen vanuit je zintuigen.
Wat je ziet wordt direct naar je visuele cortex (occipitaalkwab) gestuurd en parallel naar je pariëtaalkwab, waar je ruimtelijk inzicht zit. Als de verbinding naar je visuele cortex niet werkt dan komen er geen beelden door. Je ziet niks. Je bent blind. Maar als de tweede verbinding nog wel werkt, kan je wel ruimtes inschatten. Dit wordt ‘blind zien’ (blind sight) genoemd. Je ziet niks, maar kan toch aangeven of iets links of rechts van je gebeurt.
Toen ik hier van hoorde moest ik ineens aan de film ‘Blind fury’ denken. Hierin is Rob Hauer een blinde ninja die alle boeven dood maakt met zijn zwaard terwijl hij ze niet kan zien. Hartstikke verklaarbaar dus als dit bij hem ook zo werkte.
Vanuit de occipitaalkwab wordt de visuele informatie doorgestuurd naar de temporaalkwab, waar de herkenning plaatsvindt. Als er met deze verbinding iets mis is kan je wel uitstekend zien, maar herken je bepaalde dingen niet meer. Zo zijn er mensen die geen gezichten of voorwerpen kunnen herkennen. Ze kunnen precies beschrijven wat ze zien, maar herkennen het beeld dat ze zien niet.
Je hersenbalk (corpus callosum) is de verbinding tussen je rechter- en je linkerhersenhelft. Er zijn gevallen bekend van mensen waar deze verbinding is doorgesneden, waardoor de twee hersenhelften autonoom van elkaar konden werken. Zo kan iemand werkelijk een gespleten persoonlijkheid hebben. Ook kan de linkerhelft van het lichaam dan onafhankelijk van de rechterhersenhelft bestuurd worden. Het is dan ineens heel makkelijk om met je ene hand een rondje te draaien in de lucht en met de andere een vierkant te tekenen. Iets wat normaal gesproken bijna onmogelijk is.
Een hersenbloeding in de pariëtaalkwab kan de aandoening ‘neglect’ veroorzaken. Een aandoening waarbij je, afhankelijk van waar de hersenbloeding plaatsvond, stimuli afkomstig van één helft niet binnen komen. Je ziet niet wat er aan één kant van de kamer gebeurt. Je scheert maar de helft van je gezicht. Je tekent maar een halve klok.
Deze voorbeelden laten zien dat het eigenlijk knap is hoeveel er wel goed gaat. Waarschijnlijk heb je al bovenstaande aandoeningen niet. Bij jou werkt het allemaal wél goed. En dit is maar een kleine greep uit alle dingen die mis kunnen gaan. Ook laat dit zien hoe je brein allerlei functies vervult zonder dat je het doorhebt en in een aantal gevallen is de informatie die je voorgeschoteld krijgt helemaal niet de waarheid.

En wat is het fijn dat je het overgrote deel van je beslissingen automatisch neemt. Als je toch elke hartslag, elke ademhaling en elke beweging zou moeten overwegen, kom je niet meer aan leven toe. Letterlijk waarschijnlijk in dit geval. We houden onszelf bezig met zo’n 60.000 gedachten per dag, waarvan het grootste deel dezelfde als gisteren. 60.000 impulsen door ons hoofd. Het overgrote deel heb je helemaal niet door. Die gaan voorbij zonder je bewustzijn ooit te bereiken.
Allerlei beslissingen die je op gevoel, vanuit intuïtie neemt komen uit je onderbewuste. Het lijkt uit je onderbuik te komen. Verliefd worden, uitwijken wanneer iemand plotseling oversteekt, de eerste indruk als je iemand ontmoet, allemaal automatische processen gebaseerd op je overtuigingen, je ervaring en je kennis. Dat heeft dus helemaal niets met je buik te maken. Dat zit in je hoofd. Je gevoel zit gewoon in je brein. En meestal heeft dat brein gelijk.
Er zijn vele experimenten en onderzoeken waaruit is gebleken dat eerste keuzes op gevoel op de lange termijn tot meer geluk leiden dan langdurig afgewogen beslissingen. ‘Van ruilen komt huilen’ is daarmee vaak waar.
Je gevoel heeft niet altijd gelijk. Als je dan eens wat anders wil, je zelf wil veranderen, dan moet je op zoek naar de basis waar je gedrag vandaan komt.

Figuur 4: Van stimulus naar gedrag naar resultaat

Volgens de Amerikaanse psycholoog David McClelland (1917-1998) wordt het zichtbare gedrag van mensen bepaald door wat je denkt en wat je wil. Je gedrag (wat je doet) is zichtbaar. Ook de plannen die je presenteert, de doelstellingen die je oplegt en de titel die je op je visitekaartje hebt staan. Wat je denkt, wat je voelt en wat je wil is voor de ander onzichtbaar.
McClelland illustreerde dit aan de hand van een ijsberg. Je ziet alleen maar het topje. Onder water bevinden zich de overtuigingen en waarden (wat je denkt) met daaronder je eigenschappen en drijfveren (wat je wil). Om je zichtbare gedrag boven water te kunnen veranderen moet je werken aan je overtuigingen en waarden of zelfs aan je eigenschappen en drijfveren.

Figuur 5: IJsbergtheorie David McClelland

Onder water zitten je gedachten, je mening, je zelfbeeld en al die andere dingen die alleen maar in jouw brein bestaan. Pas als je ze uit worden ze werkelijkheid voor een ander.

Dat idee hadden Joseph Luft en Harry Ingham in 1955 ook met hun Johari window, waarvan de naam afgeleid is van de namen van de bedenkers.
Met het model kan je beter inzicht krijgen in de manier waarop je communiceert. Ook het uitgangspunt van Luft en Ingham was dat je eigenschappen en overtuigingen hebt die voor anderen wel of niet waarneembaar zijn. Maar niet alles wat de ander waarneemt heb je zelf ook door. Soms is gedrag heel doorzichtig terwijl je het zelf angstvallig verborgen wilde houden. Of heb je kwaliteiten waar je je niet van bewust bent.
Het model bestaat uit vier vlakken en ziet er daarmee uit als een venster, een window.

Figuur 6: Johari window

In het venster kunnen zaken als overtuigingen, gedragingen, allergieën, eigenschappen, emoties, hobby’s en competenties staan.
In de ‘arena’ staan die dingen die je van jezelf weet en voor anderen waarneembaar zijn.
Dat wat je geheimhoudt zit in je ‘façade’. De kaarten tegen je borst. Dat je onzeker bent. Dat je in het weekend verkleed als ridder gaat paardrijden. Dat je stiekem helemaal niks begrijpt van wat je aan het doen bent. Het is dus letterlijk een facade, een masker dat je ophoudt.
Dat wat anderen wel zien, maar je zelf niet herkent of erkent is je ‘blinde vlek’. Als iedereen je roemt om je doorzettingsvermogen, maar je dat zelf weglacht met ‘ik doe maar wat’. Als jij altijd gevraagd wordt om de presentatie te geven aan het eind van een project of opdracht, maar jij jezelf geen presentatiewonder vindt. Maar ook als jij graag het eerste commerciële gesprek wil doen, maar er nooit een tweede gesprek komt. De mensen om je heen herkennen het, maar jij hebt het niet door.
Het vierde vlak is het ‘onbekende’. Verborgen talenten of eigenschappen die er nog niet uit gekomen zijn. De omstandigheden zullen bepalen of deze dingen er ooit uit zullen komen.
In alle vier de vlakken kunnen zowel positieve als negatieve zaken staan.

Goed om kunnen gaan met je onderbewuste maakt het verschil tussen doelen wel of niet bereiken. Bewuste keuzes maken, zelfbewust zijn, je zwaktes en krachten kennen en je gedrag bewust sturen zorgt voor het resultaat dat je wil bereiken. Daarmee moet je tegen je natuurlijke processen in gaan. En dat is niet makkelijk.
In mijn boek ‘En nu echt!’, dat eind 2017 uitkomt leg ik eerst uit hoe je brein werkt, om je daarna tips te geven hoe je hier handig en effectief mee om kunt gaan om je doelen te bereiken.

Groeten,

Frank

Deze post (of een bewerking daarvan) is onderdeel van mijn boek ‘En nu echt!’. Klik hier voor meer info.

12 gedachtes over “Over hoe fijn het is dat je geen idee hebt wat je doet

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.