Over Porscherijders (en waardoor zij Porsche kunnen rijden)

Vanmorgen zag ik een Porsche rijden. Natuurlijk droomde ook ik er vroeger van, net als iedereen van mijn geslacht, er ook eens een te hebben. Een jongensdroom.
Over het algemeen zijn Porscherijders, 911-rijders bedoel ik dan, (en nu ga ik generaliseren, ik weet het) mannen van rond de 40 à 50 die een eigen onderneming hebben of een directeursfunctie bekleden. Geslaagd. Binnen misschien wel. In ieder geval de financiële ruimte om de betreffende auto te kunnen rijden. Los van de vraag of ze nou gelukkig zijn (want rijkdom is geen synoniem voor succes, laat staan voor geluk) hebben ze in ieder geval íets goed voor elkaar.
De Porsche prikte slim een aantal gaatjes door, manoeuvreerde zich door het verkeer en was toch net wat sneller bij de afslag dan ik, terwijl het toch echt mijn achteruitkijkspiegel was waar ik ‘m het eerst zag. En ik vind mezelf geen zondagsrijder. Porscherijders zijn (ik trek het vooroordeel door) slimme, slinkse rijders. Net even er voor duiken. Dotje gas erbij en het oranje licht halen. Tegen het asociale aan, maar toch nergens op te betrappen, los van een snelheidsbekeurinkje hier of daar.
Maar zijn het nou Porscherijders die dit doen of hebben mensen die dit gedrag al van nature vertonen een statistisch verhoogde kans ooit in staat te zijn om een Porsche te bezitten?

Ik heb veel geschreven over de balans tussen geluk zoeken en gelukkig zijn. Ik vind het een boeiend thema. Deels ging mijn blog van gisteren hier ook over.

Eerder haalde ik een speech van Jim Carrey aan:
You can fail at what you don’t want, so you might as well take a chance on doing what you love.
Ik denk dat Porsche rijders (als stereotype voor ‘geslaagde mensen’) keuzes durven te maken. In een gat durven te duiken dat anderen misschien te klein achtten. Zich minder zorgen maken wat anderen van ze vinden. Het risico op een boete voor lief nemen. Liever een misstap her en der dan een leven van middelmatigheid.Porscherijders zijn geen Porscherijders geworden door het vermogen onder hun rechtervoet. Of de Brembo-klauwen die kleurig loerend door de Fuchs-velgen klaar staan in te grijpen. Ook de vleugel die ze vanaf 120km/u met hun kont op het asfalt duwt maakt ze niet zekerder.
Zij zijn het geworden door wie ze zijn. Door wie ze altijd al waren.In mijn boek beschrijf ik stapsgewijs wat voor jou werkplezier definieert, hoe je doelen eruit zien en hoe je die kunt bereiken. Om uiteindelijk te concluderen (spoiler alert!) dat je helemaal geen doelen wilt bereiken, maar een gelukkig leven wilt leiden. Vandaag, morgen én in de toekomst.
Maar dat het één natuurlijk naar het ander kan leiden.

In veel gevallen blijken doelen helemaal geen doelen te zijn, maar waarden of uitgangspunten. Het is geen punt dat je wilt bereiken op een lijn die je aan het volgen bent, het is een status. Loesje heeft een poster met de uitspraak: “Geluk is een richting, geen punt”, die ik zelfs al eens als afbeelding gebruikte in een blog. Maar geluk moet helemaal geen richting zijn. “Er is niets waar je zo ongelukkig van wordt, als een voortdurend krampachtig streven naar geluk”, quotte ik Oliver Burkeman in mijn vorige blog. Geen richting, geen streven. “Geluk is blijven verlangen naar wat je al hebt”. Die quote van Patrick van Hees gebruik ik nu voor de vierde keer in een blog.

De lijn uit de grafiek die ik in mijn boek en bijbehorende training gebruik loopt van je CV (het heden) naar je wolk (de toekomst). Maar eigenlijk zou je deze lijn ook verder naar linksonder kunnen doortrekken het verleden in. Ook in het verleden streefde je, bewust of onbewust, voor het grootste deel dezelfde dingen na. Je bent wie je bent. Jouw talent is jouw talent.

Anderhalf jaar geleden ontdekte ik dat mijn pas opgestelde persoonlijke missie naadloos paste bij het bedrijf waar ik werk. Toeval? Nee. Elf jaar geleden de juiste keuze gemaakt op basis van kennis die ik nu pas concreet heb. ‘Je bent wie je wordt‘ is de titel van het boek dat ik toen aan het lezen was.  Ik word steeds meer wie ik ben doordat ik steeds meer ontdek wie dat is. Door ervaring in werk en het leven in het algemeen. Doelen moet je bijstellen. Niet omdat ze veranderen, maar omdat ze steeds scherper zichtbaar worden. 

Darwin zei: “It is not the strongest of the species that survives, nor the most intelligent that survives. It is the one that is the most adaptable to change.”. En dat is natuurlijk helemaal waar. Alleen door verandering blijf je onbeperkt houdbaar. Maar het vasthouden aan jouw geluksfactoren maakt je pas echt succesvol.Balans dus weer. Beetje van allebei.

Een Porscherijder ben je of dat ben je niet. Maar bewaar jij je (jongens-)dromen voor de nacht of heb jij de competenties ze om te zetten in actie?In a world that changes really quickly, the only strategy that is guaranteed to fail is not taking risks – Mark Zuckerberg

Groeten,

Frank

Deze post (of een bewerking daarvan) is onderdeel van mijn boek ‘En nu jij!’. Klik hier voor meer info.

3 gedachtes over “Over Porscherijders (en waardoor zij Porsche kunnen rijden)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.